Je gaat oefenen met 'Relative Clauses (Betrekkelijke Bijzinnen)', met de oefenvorm 'Typ *alle* betrekkelijke voornaamwoorden die kunnen (middelmatig veel keuze)'.


Instructie: Enter *all* possible relative pronouns ("who", "which", "that", "whose", "when", "why", "where" and even "nothing" (!)) separated by a dash ("-"!!, not the + in the answers).


Opgave: Jack's tackle was the reason ___ I broke my leg

Oplossing:    CONTROLEREN   <<<<<<<<<<<<<<<<<   TERUG NAAR HET HOOFDMENU

 


KLIK HIER VOOR DE THEORIE BIJ DIT GRAMMATICA-ONDERDEEL(IN EN NIEUW VENSTER)


De rode/groene regel geeft feedback op je antwoord. Omdat het door de computer wordt 'nagekeken', wordt het antwoord alleen groen (correct) als het één van de mogelijke antwoorden is, zonder enige typefouten ☺. Soms wordt het antwoord dus rood terwijl een docent het goed zou rekenen.


 

 

Herhaaldelijk oefenen is het makkelijkst met gebruik van het toetsenbord:
Druk na het antwoord intypen op ENTER voor de oplossing. Nog een keer op ENTER voor een nieuwe oefening.
Als je de tweede keer niet op ENTER drukt, maar op TAB en dan pas ENTER, ga je terug naar het hoofdmenu
.

Alles werkt ook door op de "Controleren", "Volgende Vraag" of "Terug naar het Hoofdmenu" knoppen te klikken.

 


Docenten zijn soms nèt mensen. Dus mocht je een foutje tegenkomen geef dat dan s.v.p. door aan je vakdocent.